U bent hier:Home
Deze notitie bevat een verslag van een recidivemeting onder jongeren met een strafrechtelijke maatregel. De studie, uitgevoerd op verzoek van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), past in de ontwikkeling van de Recidivemonitor. Met dit project wil het WODC het aantal recidivemetingen de komende jaren sterk uitbreiden, met als doel meer zicht te krijgen op de uitstroomresultaten van justitiële interventies. Sommige groepen, zoals de jongeren met een strafrechtelijke maatregel, zullen door middel van herhaalde metingen blijvend worden gevolgd, zodat ook het verdere verloop van hun criminele carrière in beeld kan worden gebracht. Via dit onderzoek wordt nagegaan in hoeverre de groep jongeren die een pij-maatregel ondergaan vergelijkbaar is met jongeren die vóór de wijziging van het jeugdstrafrecht een buitengewone behandeling (bb) of een jeugd-tbr kregen opgelegd. De achtergrondkenmerken die bij de vergelijking van de drie subgroepen een rol spelen, zijn: de leeftijd van de jongere, geslacht, etniciteit, aard en ernst van het uitgangsdelict, duur van de maatregel en de omvang van het strafrechtelijk verleden, dat wil zeggen het aantal en de ernst van eerder gepleegde delicten waarbij vervolging werd ingesteld. Naast een beschrijving van de groepen jongeren met een bb, een jeugd-tbr en een pij gaat deze studie ook in op de recidive van de jongeren in de periode na beëindiging van de maatregel.