Differentiële effectiviteit maatregelen (rij)geschiktheid voor bestuurders onder invloed van alcohol

Onderzoeksgegevens
Projectnummer 1769k
Type WODC-intern onderzoek

Samenvatting

Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) kan verschillende geschiktheidsmaatregelen opleggen aan bestuurders die zijn staande gehouden vanwege het rijden onder invloed van alcohol. Het doel van deze maatregelen is te voorkomen dat mensen opnieuw met (teveel) alcohol op achter het stuur gaan. Anno 2021 kunnen de volgende geschiktheidsmaatregelen door het CBR worden opgelegd:

• korte cursus over alcohol en verkeer (Lichte Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer, afgekort: LEMA);
• cursus over alcohol en verkeer (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer, afgekort: EMA) en
• onderzoek naar je alcoholgebruik (officieel: onderzoek naar de geschiktheid).

Van eind 2011 tot medio 2014 kon in Nederland ook een alcoholslotprogramma (ASP) worden opgelegd aan bestuurders die onder invloed van alcohol aan het verkeer deelnamen. De hierboven beschreven (bestuursrechtelijke) maatregelen vinden plaats naast de strafrechtelijke afhandeling van een rijden-onder-invloeddelict.
In een drietal eerdere studies  heeft het WODC onderzoek gedaan naar de effectiviteit van deze geschiktheidsmaatregelen voor bestuurders die onder invloed van alcohol aan het verkeer deelnemen (resp. M. Blom, D.M. Blokdijk en G. Weijters, Recidive na een educatieve maatregel voor verkeersovertreders of tijdens een Alcoholslotprogramma, 2017, projectnummer: 1769g; M. Blom, D.M. Blokdijk en G. Weijters, Recidive na maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid, 2019, projectnummer 1769i en M. Blom en G. Weijters, Recidive na het CBR-onderzoek alcohol, 2021, projectnummer 1769j). Het belangrijkste doel van deze studies was om vast te stellen in hoeverre rijgeschiktheidsmaatregelen bijdragen aan het verminderen van rijden-onder-invloed-recidive in hun doelgroep. Uit deze eerdere studies kwam naar voren dat het volgen van een cursus over alcohol en verkeer (de EMA), deelname aan het alcoholslotprogramma (het ASP) en het ondergaan van een onderzoek naar het alcoholgebruik bij lijken te dragen aan het voorkomen van rijden-onder-invloedrecidive. De eerdere studies hebben geen aanwijzingen opgeleverd voor de effectiviteit van de korte cursus over alcohol en verkeer (de LEMA). 
Inzicht in de differentiële effectiviteit van de (rij)geschiktheidsmaatregelen die het CBR op kan leggen, maakt dat de maatregelen gerichter kunnen worden ingezet. Daarnaast kan inzicht in de differentiële effectiviteit van de maatregelen aanknopingspunten bieden voor verbeteringen in de opzet of de uitvoering de maatregelen binnen het bestuursrechtelijke handhavingssysteem.
Dit onderzoek gaat in op de volgende vragen: 1.  Wat zijn de achtergrondkenmerken van de deelnemers van de verschillende (rij)geschiktheidsmaatregelen (LEMA, EMA, ASP en onderzoek alcohol) en in hoeverre verschillen deelnemers van de verschillende maatregelen van elkaar? 2. Wat is de samenhang tussen de achtergrondkenmerken van deelnemers van een (rij)geschiktheidsmaatregel en rijden-onder-invloed recidive? 3. Welke differentiële effecten van de verschillende maatregelen op rijden-onder-invloed recidive zijn er te vinden?