Toegevoegde waarde WAS

Onderzoeksgegevens
Projectnummer 3198
Type Extern onderzoek
Betrokken organisatie(s)
Cebeon - Centrum Beleidsadviserend Onderzoek BV

Samenvatting

Er zijn momenteel landelijk twee systemen ter beschikking aan het lokale/regionale gezag, die gelijktijdig ingezet kunnen worden om de burgers te informeren over oorsprong, omvang en gevolgen van een ramp of crisis: NL-Alert en het WAS (Waarschuwings- en Alarmeringssysteem; oftwel de sirene). Er kunnen daarnaast nog andere middelen worden ingezet, zoals de lokale/regionale rampenzenders op radio en tv, het publieksinformatienummer 0800–1351, www.crisis.nl, eigen websites, sociale media en/of geluidswagens.
NL-Alert is in november 2012 landelijk ingevoerd. Sindsdien nemen de inzet en het bereik bij een noodsituatie steeds verder toe. Het huidige WAS-stelsel is operationeel sinds 1998. Het bereik en het effect ten aanzien van de middelen om burgers te alarmeren en informeren, zijn voor het bevoegd gezag van wezenlijk belang om te kunnen voldoen aan de informatieplicht uit de Wet veiligheidsregio's (artikel 7, eerste lid).
Het kabinet heeft in 2014 de beleidslijn ingezet om het WAS uit te faseren, omdat het van mening is dat het instrument in het geheel van crisiscommunicatiemiddelen een beperkte operationele waarde heeft en mede gezien de jaarlijkse kosten en de vernieuwingsinvestering die binnen enkele jaren noodzakelijk is. Deze beleidslijn ligt echter (politiek) gevoelig. In de Tweede Kamer is, en wordt, de vraag opgeworpen of specifieke doelgroepen als ouderen voldoende bereikt worden zonder de sirene, alsook of de veiligheid van burgers sowieso niet gebaat is bij het naast elkaar bestaan van verschillende systemen (Tweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 29628, nr. 529; Tweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 29517, nr. 117, brief van 25 oktober 2016; Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 30821, nrs. 84 en 90). Daarnaast willen sommige gemeenten en veiligheidsregio’s het WAS behouden, omdat het zich in hun beleving heeft bewezen als een betrouwbaar instrument voor crisiscommunicatie en omdat het bij uitstek geschikt is voor incidenten bij risicolocaties (bijvoorbeeld havens en chemische industrie) met grote gevolgen. De voorgenomen uitfasering van het WAS is daarom meerdere keren uitgesteld.
Om een verdere onderbouwing te krijgen voor een besluit over de voorgenomen uitfasering van het WAS, heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid behoefte aan inzicht in de toegevoegde waarde van het WAS in verhouding tot de lasten ervan binnen het geheel van crisiscommunicatiemiddelen.