In aanloop naar de evaluatie van de Wet Uitbreiding Slachtofferrechten (WUS) in 2026/2027 is vooronderzoek gedaan naar twee spreekrechtvoorzieningen uit de WUS: de uitbreiding van de kring spreekgerechtigden met stief- en pleegfamilie en een beperkt spreekrecht bij verlengingszittingen voor tbs en pij (ook wel jeugd-tbs genoemd). Dit onderzoek biedt inzicht in de aannames over de werking van deze spreekrechtvoorzieningen en hoe ze moeten worden geëvalueerd. Ook is een nulmeting uitgevoerd van de situatie vóór de invoering van de maatregelen. Uit eerste bevindingen blijkt dat bevraagde deskundigen kritischer staan tegenover het beperkte spreekrecht bij verlengingszittingen dan tegenover de uitbreiding met stief- en pleegfamilie.
Het vooronderzoek is uitgevoerd door Significant APE en Universiteit Leiden in opdracht van het WODC. Het doel van de WUS is het versterken van de positie van het slachtoffer in het strafproces. De WUS bestaat uit verschillende onderdelen die in tranches in werking traden tussen in 2022 - 2025. De voormalig minister van Rechtsbescherming heeft toegezegd om de WUS twee jaar na inwerkingtreding te evalueren. Ter voorbereiding op deze evaluatie zijn of worden in opdracht van het WODC al onderzoeken uitgevoerd naar verschillende onderdelen van de WUS, waaronder deze twee maatregelen over spreekrecht. Zie de factsheet voor meer informatie over het onderzoek.
Beeld: © Rijksoverheid
Conclusies en aanbevelingen
Het spreekrecht van slachtoffers heeft als uiteindelijk doel het versterken van de positie van het slachtoffer. Eén van de vier onderliggende doelen heeft betrekking op slachtoffers, namelijk het bijdragen aan het herstel van emotionele schade die bij slachtoffers en nabestaande(n) is aangericht. Het meten van herstel van emotionele schade is echter erg lastig. Dit kan wel geïnterpreteerd worden in termen van agency en communion. Slachtofferschap kan zorgen voor een verlies van controle, machteloosheid en een afgenomen vertrouwen in het eigen kunnen (agency) en tot minder vertrouwen in anderen en gevoelens van eenzaamheid (communion). De onderzoekers raden aan in de uiteindelijke evaluatie deze twee concepten te meten.
Betrokken ketenpartners registreren zeer beperkt data over het spreekrecht. In de uiteindelijke evaluatie is het aan te raden te focussen op kwalitatieve onderzoeksmethoden, zoals interviews met betrokken deskundigen. Hierbij is het van belang prioritering aan te brengen in de vele indicatoren voor het meten, om het veld niet teveel te belasten.
Tot slot geven de onderzoekers aan dat het perspectief van het Openbaar Ministerie en Slachtofferhulp Nederland ontbreekt in de nulmeting. Hiermee moet rekening gehouden worden in de uiteindelijke meting. Ook raden de onderzoekers aan hierin te spreken met slachtoffers.
Bij dit rapport schreef het WODC deze aanbiednota.