Plekken waar Oekraïense ontheemden elkaar informeel kunnen ontmoeten, de zogenaamde social hubs, kunnen bijdragen aan de participatie en zelfredzaamheid van deze groep. De activiteiten daar richten zich daarnaast op het behoud van de culturele identiteit van Oekraïners en hun band met het thuisland, wat de optie van een eventuele terugkeer openhoudt. Het voortzetten van de social hubs staat wel onder druk.

Lees het hele rapport

In opdracht van het WODC voerde Ipsos I&O in samenwerking met Labyrinth een onderzoek uit om meer inzicht te krijgen in de bijdrage van de social hubs aan de participatie en zelfredzaamheid van Oekraïense ontheemden, en hun eventuele terugkeer naar Oekraïne. De social hubs, ook wel huiskamers genoemd, zijn plekken waar Oekraïners elkaar informeel kunnen treffen en deelnemen aan activiteiten. Naast een literatuurstudie en interviews met experts zijn er vier social hubs bezocht: in Rotterdam, Eindhoven, Zwolle en Doetinchem. Daar is gesproken met bezoekers, vrijwilligers en medewerkers.

Beeld: © stichting POND! Doetinchem

Bereik hubs

Het daadwerkelijke bereik van de hubs is niet goed in aantallen uit te drukken, omdat de bezoekersaantallen niet systematisch worden bijgehouden. De hubs lijken met name vrouwen en kinderen goed te bereiken. Andere groepen, zoals werkenden, jongeren, ouderen en mensen in landelijke gebieden lijken minder gebruik te maken van de hubs. Veel hubs zijn gevestigd in grote en middelgrote steden.

Organisatie

De organisatiestructuur van de hubs varieert van informele groepen tot officieel geregistreerde stichtingen. Een gemeenschappelijke deler is de afhankelijkheid van projectsubsidies, donaties en de goodwill van partners zoals gemeenten, kerken en Vluchtelingenwerk. Omdat de hubs hoofdzakelijk door vrijwilligers worden gerund, staat de continuïteit onder druk, zeker nu er ruim drie jaren zijn verstreken sinds het begin van de grootschalige oorlog in Oekraïne. Het gebrek aan zekerheid over de financiering van de activiteiten op lange termijn en – in sommige gevallen ook – de huisvesting van de hubs draagt bij aan hun kwetsbare positie.

Onzekerheid in verblijfstatus

De bijdrage van hubs aan de participatie van Oekraïense ontheemden wordt bemoeilijkt door de onzekerheid rond hun verblijfsstatus op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming. Duurzame participatie en het maken van plannen voor de lange(re) termijn zijn vanuit dit oogpunt minder realistisch. Daar komt bij dat het proces om verworven kwalificaties in Oekraïne erkend te krijgen in Nederland moeizaam verloopt. De hubs kunnen deze structurele problemen waar Oekraïense ontheemden tegenaan lopen niet oplossen, maar zij bieden wel een vorm van persoonlijke, laagdrempelige ondersteuning om ermee om te gaan.

Verschuiving in doelstelling hubs

De doelstellingen van de hubs zijn geëvolueerd met de behoeften van de Oekraïense ontheemden. Waar de focus aanvankelijk lag op het bieden van informatieve en humanitaire hulp zijn de doelstellingen geleidelijk verbreed. Doelstellingen kunnen per hub verschillend zijn, maar in het sociale en verbindende doel lijken zij veel op elkaar. Er is hier wel sprake van een complexe relatie: enerzijds zijn de activiteiten gericht op participatie in de Nederlandse samenleving, anderzijds op het behoud van de Oekraïense identiteit en het levend houden van de band met het thuisland. Dit laatste kan van belang zijn voor een eventuele terugkeer naar Oekraïne.

Het bieden van hulp bij vrijwillige terugkeer naar Oekraïne is tot nu toe expliciet géén doelstelling van de hubs geweest. Als dit vraagstuk in de toekomst aan de orde komt, dan is het belangrijk om de ondersteuning een vrijwillig en faciliterend karakter te geven, en daarbij te rekening te houden met de behoeften en mogelijkheden van de hubs.

Wat is nodig?

De hubs kunnen hun constructieve rol in de toekomst blijven vervullen als verder invulling wordt ingegeven aan een aantal randvoorwaarden. Het is daarbij belangrijk om te benadrukken dat er verschillende manieren zijn voor hubs om hun rol te vervullen, en dat de haalbaarheid mede afhankelijk is van de doelstellingen, schaal en mogelijkheden van de hubs. Voor het toekomstperspectief van de hubs is het belangrijk om – binnen de lokale context – invulling te geven aan:

  • een structurele en voorspelbare financiering;
  • stabiele, fysieke locaties;
  • een faciliterende rol van de overheid;
  • deskundig en betrokken leiderschap van de hubs.

Bij dit rapport schreef het WODC deze aanbiednota.