Het aantal lange combinatievonnissen – 10 jaar gevangenisstraf of meer met tbs - is de afgelopen jaren gestegen. Of de tbs-behandeling na zo’n lange gevangenisstraf nog wel werkt, is op basis van het huidige WODC -onderzoek moeilijk vast te stellen. Het onderzoek laat wel zien welke verschillende typen ‘detentieschade’ in de gevangenis kunnen optreden bij deze groep tbs-gestelden. Detentieschade kan een negatief effect hebben op de behandeling na de gevangenisstraf. Vervolgonderzoek is nodig om te bepalen hoe de duur van de gevangenisstraf samenhangt met de duur van de tbs-behandeling.

Zie rapport en infographic

Vanuit verschillende partijen - rechtspraak, juristen, forensische gedragsdeskundigen en politici - is al langer discussie over de lange combinatievonnissen. Dit zijn vonnissen waarbij een gevangenisstraf van 10 jaar of langer wordt gecombineerd met tbs met verpleging.

In de Tweede Kamer werd een motie ingediend om de Fokkensregeling – die het tot 2010 mogelijk maakte tbs-gestelden met een combinatievonnis eerder te kunnen behandelen - weer in te voeren. Dat leidde tot dit WODC-onderzoek, waarin is gekeken naar het aantal tbs-gestelden met een lange gevangenisstraf, de huidige wettelijke mogelijkheden om eerder aan de behandeling te beginnen en dat inzicht geeft in detentieschade.

Beeld: © Rijksoverheid

Meer combinatievonnissen

Uit het onderzoek komt naar voren dat het aantal lange combinatievonnissen de afgelopen 25 jaar laag is: 160 (6%) van 2.584 combinatievonnissen. Dit aantal is gestegen van gemiddeld 5% in 2000 tot en met 2012 naar gemiddeld 8% in 2013 tot en met 2024. Het gaat daarbij vooral om lange combinatievonnissen tussen 10 en 15 jaar gevangenisstraf plus tbs. Vanaf 2019 zijn tbs-gestelden die een lang combinatievonnis van 10 jaar of meer opgelegd hebben gekregen voor het eerst in de tbs-klinieken opgenomen.

Detentieschade

Bij mensen die in een gevangenis verblijven, kunnen allerlei vormen van schade ontstaan, wat detentieschade wordt genoemd. Het verblijf kan invloed hebben op bijvoorbeeld het brein, de psychische gezondheid, zelfredzaamheid en veroudering. Hoewel de detentie bij sommige mensen ook een positieve invloed kan hebben. Zij hebben baat bij de structuur en beschikbaarheid van zorg. Vaak omdat zij die daarvoor misten.

In het werkveld wordt de ‘bajesmodus’ ook genoemd als obstakel bij de behandeling; wie lange tijd in een gevangenis verblijft, wordt weinig uitgedaagd en heeft weinig keuzevrijheid. Als zo iemand na lange tijd in een tbs-kliniek komt, kost het tijd om uit deze bajesmodus te komen. Behandelaren geven bovendien aan dat het voor de tbs-behandeling nadelig kan zijn als er zo’n lange periode zit tussen het begaan van het delict en de tbs-behandeling. Het is belangrijk dat de herinneringen over het delict volledig zijn, omdat een deel van de behandeling daarop wordt gebaseerd.

Juridische oplossingen

De onderzoekers doen op basis van hun juridische analyse, data-onderzoek, literatuurstudie en gesprekken met professionals uit het werkveld, meerdere aanbevelingen. De rechtspositie van tbs-gestelden kan bijvoorbeeld worden verbeterd als niet de minister maar een rechter beslist over de uitzonderingsgronden voor een snellere start van een tbs-maatregel. Aanpassing van de wet- en regelgeving is mogelijk, denk aan het maximeren van een gevangenisstraf als er ook een tbs-maatregel wordt opgelegd. Of het voorwaardelijk opleggen van een tbs-maatregel en pas na de gevangenisstraf beoordelen of het uitvoeren van een tbs-maatregel nog nodig is.

Behandelingen eerder beginnen

Tbs-behandelaren gaven aan dat het nuttig kan zijn om met vijf typen behandel/diagnostische onderdelen alvast te starten in detentie. Dat zijn de delictanalyse, medicijnen, schematherapie, traumabehandeling en verslavingshulp. Sommige van deze onderdelen worden in een aantal Penitentiair Psychiatrisch Centra en Penitentiaire Inrichtingen al aangeboden. Voorwaarden daarbij zijn duidelijke afspraken en communicatie tussen de betrokken ketenpartners over de taakverdeling en op welke manier de reeds doorlopen behandelmodules worden vastgelegd en overgedragen.

Vervolgonderzoek

Tbs-gestelden met een lang en een kort combinatievonnis verschillen in de snelheid waarmee ze sommige behandelstappen zetten. Zo starten tbs-gestelden met een lang combinatievonnis gemiddeld later met begeleid en met onbegeleid verlof, maar beëindigen zij hun behandeling gemiddeld gezien even snel. Het is te vroeg om te zeggen waar dit verschil vandaan komt. Daarvoor is vervolgonderzoek nodig.

Bij dit rapport schreef het WODC deze aanbiednota.