Uit de evaluatie van de pilot verblijfsregeling essentieel startuppersoneel blijkt dat deze regeling meer kan worden benut dan tijdens de pilot het geval was. Dat ligt voor een belangrijk deel aan de onbekendheid van de regeling. Daarnaast ervaren de startupbedrijven een financiële drempel om er gebruik van te maken. Ook is de regeling vrij complex en arbeidsintensief. Bedrijven die gebruik maken van de regeling hebben er wel baat bij, maar de impact van de regeling op de Nederlandse economie is tot nu toe beperkt. Door onder andere te investeren in de bekendheid van de regeling en in uitvoeringscapaciteit kan het gebruik van de regeling toenemen en kan hij daarmee ook effectiever en efficiënter worden.
Met de verblijfsregeling essentieel startuppersoneel beoogt het kabinet om startupbedrijven beter in staat te stellen om essentieel personeel van buiten de Europese Unie aan te trekken, wanneer bestaande kennismigrantenregelingen niet geschikt zijn. De overheid wil zo bijdragen aan de doorgroei van de startups en daarmee aan het verdienvermogen van Nederland. De pilot van deze regeling liep van medio 2021 tot en met eind 2025*. Om na te gaan of de regeling werkt en efficiënt is, is een evaluatie uitgevoerd op de pilot door bureau Dialogic in opdracht van het WODC.
Beeld: © Pexels
Gebruik regeling
Tijdens pilotperiode hebben 120 startupbedrijven 151 initiële aanvragen ingediend. Daarvan leidde 54% tot een verblijfsvergunning. De onderzoekers raamden het potentiële bereik op circa 230 startups per jaar.
Een belangrijke verklaring voor het achterblijven van het mogelijk gebruik, is de beperkte bekendheid. Er waren bij de betrokken overheidsorganisaties weinig middelen voor communicatie en promotie richting potentiële gebruikers. De vereiste medewerkersparticipatie, de voorwaarde dat werknemers minimaal 1% van het kapitaal van de startuponderneming ontvangen, werd door bedrijven die de regeling wel kenden als een drempel ervaren.
Effectiviteit en efficiëntie van regeling
De verblijfsregeling is aantoonbaar effectief voor startups die er gebruik van maken. De medewerkers die ze daarmee aantrokken, vervulden een essentiële rol bij de activiteiten en groei van de onderneming. Dit wordt ook onderbouwd via de literatuur en interviews. Maar door de beperkte schaal is er nog geen zichtbaar effect op het brede Nederlandse startup bedrijfsleven.
De verblijfsregeling is complex en de kosten zijn hoog in vergelijking met meer routinematige verblijfsregelingen. De benodigde structurele afstemming zorgt voor lange doorlooptijden. En het beperkte aantal aanvragen bemoeilijkt de opbouw van gespecialiseerde dossierkennis. Naar verwachting zal de efficiëntie van de regeling toenemen, wanneer het aantal aanvragen toeneemt.
Aanbevelingen
De onderzoekers komen op basis van de resultaten van het onderzoek tot de volgende aanbevelingen:
- Verhoog het gebruik van de regeling, door gerichte communicatie via sleutelkanalen van startupbedrijven, door de procedure te vereenvoudigen en de medewerkersparticipatie eis te heroverwegen of toegankelijker te maken.
- Investeer in voldoende uitvoeringscapaciteit bij de uitvoeringsinstanties om meer aanvragen op te kunnen vangen en doorlooptijden kort te houden.
- Verken de mogelijkheid tot een landelijke certificering voor startups. Die kan de uitvoeringslast voor uitvoeringsinstanties en de startups verlichten, verlaagt de financiële drempel en vergroot de bekendheid van de regeling.
- Zet in op structurele monitoring om beter inzicht te krijgen in de werking en effecten van de regeling.
Bij dit rapport schreef het WODC deze aanbiednota.
*Ondertussen is in september 2025 besloten om de pilot tot medio 2026 voort te zetten.