Wanneer jonge vrouwen in de strafrechtketen terechtkomen lijkt er voor hen maar één veelbelovende én bij hen goed onderzochte interventie beschikbaar in Nederland. Dat blijkt uit onderzoek van het WODC en de Vrije Universiteit Amsterdam. Het is de vraag of er niet meer van dit soort interventies, zoals gedragstraining of agressieregulatie, specifiek voor jonge vrouwen nodig zijn. Jonge vrouwen in de criminaliteit hebben namelijk andere kenmerken en zorgbehoeftes dan hun mannelijke leeftijdsgenoten. Bijvoorbeeld omdat ze slachtoffer zijn van seksueel geweld of aan angststoornissen lijden.

Lees het hele rapportZie infographic

Het onderzoek richt zich op vrouwen van 12 tot en met 27 jaar oud en maakt gebruik van politie- en justitiedata, en literatuuronderzoek. Als jonge vrouwen misdrijven plegen, dan komen zij minder vaak met politie en justitie in aanraking dan hun mannelijke leeftijdsgenoten. Zij maken dan ook maar een klein deel uit van alle geregistreerde jeugdcriminaliteit en het gaat vaak om lichtere misdrijven, zoals diefstal.

Over de langere termijn volgt het aantal verdachte en veroordeelde jonge vrouwen de ontwikkeling van alle jeugdcriminaliteit in Nederland. In het begin van deze eeuw was sprake van een stijging, gevolgd door een daling vanaf 2010. Vanaf 2020 stabiliseren de aantallen en zien we bij 16-minners zelfs een lichte toename van agressieve en gewelddadige misdrijven. Waardoor deze stijging komt is vooralsnog niet duidelijk. Het niveau van dit soort misdrijven blijft echter ver onder de cijfers van 2017 en daarvoor.

Verschillen tussen jonge vrouwen en mannen

Ongeacht geslacht zijn er kenmerken die de kans op crimineel gedrag vergroten, zoals lage zelfcontrole of het hebben van delinquente vrienden. Daarnaast zijn er kenmerken die vooral of alleen bij jonge vrouwen een rol spelen, waaronder angststoornissen en slachtoffer zijn van seksueel geweld. Daarmee is de zorgbehoefte van jonge vrouwen in de strafrechtketen anders dan die van mannen. Ontwikkelde interventies met mannen in gedachte - de grootste groep in de strafrechtketen - zullen daar niet altijd op aansluiten.

Beeld: © Pixabay

Weinig geschikte interventies

Er is internationaal maar een beperkt aantal gedragsinterventies die als veelbelovend of effectief worden gezien tegen crimineel gedrag bij jonge vrouwen. Van dit beperkte aantal wordt er binnen Nederland maar één erkend: een interventie gericht op het reguleren van agressie. Hoewel deze interventie als veelbelovend wordt gezien, ontbreekt wetenschappelijke bewijs van effectiviteit vooralsnog bij jonge vrouwen in Nederland.

Professionals in het veld hebben verschillende meningen over hoe ernstig het is dat er weinig interventies zijn speciaal voor jonge vrouwen. Een deel geeft aan dat het maatwerk van bestaande (genderneutrale) interventies genoeg ruimte biedt om aan zorgbehoeftes van jonge vrouwen te voldoen. Anderen geven juist aan meer richtlijnen en kennis over deze specifieke groep te willen hebben.

Preventie in plaats van interventie

Omdat minderjarige meisjes nog maar zelden een jeugddetentie krijgen opgelegd, is het maar de vraag of het al zeer beperkte interventie-aanbod in detentie aanbieden loont. De onderzoekers pleiten dan ook voor meer onderzoek naar effectieve preventie buiten de muren van justitiële (jeugd)inrichtingen. Daarbij is het belangrijk dat er aandacht blijft voor vrouwspecifieke zaken. Zo kunnen jonge vrouwen met complexe problematiek geholpen worden, nog voordat zij (vaak te) laat in beeld komen bij politie en justitie.

Bij dit rapport schreef het WODC deze aanbiednota.