Onderzoeksgegevens
Projectnummer3625
TypeExtern onderzoek
Betrokken organisatie(s)UU - Faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie

Samenvatting

Na wijziging van de Rijkswet op het Nederlanderschap (in 2010) werd het mogelijk om, als ordemaatregel, het Nederlanderschap te ontnemen van personen die veroordeeld zijn voor het plegen of voorbereiden van terroristische aanslagen. Dat kan echter alleen wanneer deze persoon een dubbele nationaliteit heeft. Het kabinet Schoof wil nu meer weten over de mogelijkheden om ook bij andere ernstige misdrijven dan alleen terroristische aanslagen, de Nederlandse nationaliteit af te kunnen nemen. In dit onderzoek wordt gekeken of in andere Europese landen de mogelijkheid bestaat om bij - andere dan terroristische - ernstige misdrijven de nationaliteit in te trekken en hoe die intrekking is gereguleerd. Op basis daarvan wordt onderzocht of dat ook mogelijk kan worden binnen het Nederlandse en verdragsrechtelijke juridische kader. En zo ja, bij welke ernstige delicten dat dan zou kunnen. 
Het onderzoek richt zich niet alleen op de mogelijkheden, maar ook op de risico’s van het intrekken van nationaliteit, zoals staatloosheid (wat verlies van bescherming en voorzieningen van de overheid betekent) en discriminatie. En de daaruit volgende consequenties voor de personen zelf en de maatschappij.