WODC brengt recidive tijdens forensische zorg in kaart

Tijdens 37 procent van de forensische zorgtrajecten pleegt de veroordeelde opnieuw een delict, waarvan 5 procent van de recidive een ernstig delict is met een strafbedreiging van minimaal acht jaar. Dat blijkt uit onderzoek van het WODC naar de recidive tijdens forensische zorgtrajecten.

Forensische zorg is geestelijke gezondheidszorg, verslavingszorg en verstandelijk gehandicaptenzorg onder een strafrechtelijke titel. Het meest bekende type is de tbs-behandeling. Daarnaast zijn er intramurale behandelingen in minder beveiligde instellingen, ambulante behandelingen door forensische poliklinieken, forensische zorg tijdens detentie en forensisch beschermd wonen. In het onderzoek is ook gekeken naar verschillen tussen deze typen forensische zorg. In de periode 2013-2017 hebben 44.578 personen op enig moment forensische zorg ontvangen en eindigden 29.666 forensische zorgtrajecten. In bijna de helft van deze trajecten volgden meerdere zorgtypen elkaar op.

Recidivedelicten

In de vijf jaren van 2013 tot en met 2017 waren er in totaal 30.344 veroordelingen voor een recidivedelict tijdens een FZ-traject. Bij 6 procent hiervan ging het om ernstige delicten met een strafdreiging van acht jaar vrijheidsstraf of meer. Vermogensdelicten zonder geweld komen het meest voor (46 procent) gevolgd door geweldsdelicten (17 procent waarvan 0,5 procent levensdelicten). Vermogensdelicten met geweld (3 procent) en zedendelicten (1 procent; waarvan aanranding of verkrachting 0,2 procent) komen duidelijk minder voor.

Fase en type forensische zorg waarin recidive voorkomt

In bijna de helft van de gevallen vindt de recidive plaats wanneer de strafrechtelijke titel van kracht is maar de forensische zorg nog niet is begonnen of al is beëindigd (47 procent). Dit wijst erop dat recidivedelicten voorkomen zouden kunnen worden door snellere plaatsing in forensische zorg na de rechterlijke uitspraak. Ook tijdens ambulante zorg is de recidive hoog (39 procent). Met name in de eerste drie maanden van de ambulante zorg is het recidiverisico hoog. Een veel kleiner deel van de recidivedelicten wordt gepleegd tijdens intramurale zorg (3 procent) forensische verblijfszorg (6 procent) en periodes in detentie (5 procent). In hetzelfde aantal zorgdagen worden tijdens ambulante behandeling bijna drie keer zoveel delicten gepleegd als tijdens intramurale behandeling en dubbel zo veel ernstige delicten. De verhoudingsgewijs hoge recidivecijfers voor ambulante forensische zorg suggereren dat voor een deel van de patiënten in dit zorgtype een zwaarder zorgtype beter geschikt was geweest. Daarnaast bevelen de onderzoekers aan om te zoeken naar mogelijkheden om het risicomanagement met name in de beginfase van ambulante forensische zorg te versterken.

Persoonlijke kenmerken

Het recidiverisico hangt niet alleen samen met het type forensische zorg maar ook met kenmerken van de persoon. De kans op recidive tijdens forensische zorgtrajecten is hoger bij mannen, naarmate patiënten jonger zijn en naarmate zij al meer eerdere strafzaken hadden. Zedendelinquenten hebben een lagere recidivekans dan andere typen daders.