Speciale behoeftes van slachtoffers van hate crime

Speciale behoeftes van slachtoffers van hate crime

Samenvatting

Er is in Europees verband steeds meer aandacht voor het vraagstuk van ‘hate crime’, zowel op EU-niveau, als bij verschillende lidstaten. Zoals criminaliteit met antisemitische of antimoslim motieven en agressie jegens LHBT (lesbiennes, homo's, bi's en transgenders). Sommige lidstaten, zoals het Verenigd Koninkrijk, lopen voorop als het gaat om het creëren van bijzondere vormen van opvang en ondersteuning voor slachtoffers van ‘hate crime’. De Nederlandse wet kent het begrip ‘hate crime’ niet. Maar ook in Nederland is er sprake van een toegenomen politieke aandacht voor commune delicten die worden gepleegd met een discriminatoir motief (codis-feiten), zoals vernieling of mishandeling met anti-semitische of anti-moslim-motieven en agressie jegens LHBT. De Tweede Kamer vraagt in toenemende mate om bijzondere aandacht voor deze slachtoffers.
Met dit onderzoek wordt onder meer beoogd na te gaan wat Nederland kan leren van buitenlandse voorbeelden van opvang die afgestemd is op deze slachtoffers. Onderzocht wordt tevens wat de behoeften zijn van de verschillende te onderscheiden slachtoffergroepen van 'hate crime' in Nederland. In hoeverre stelt dit bijzondere eisen aan de opvang van deze slachtoffers bij het melden c.q. doen van aangifte en daarna bij het bieden van slachtofferhulp? En in hoeverre worden de mogelijkheden voor het bieden van bescherming en wegnemen van angst als toereikend ervaren?

Onderzoekgegevens

Werktitel:
Speciale behoeftes van slachtoffers van hate crime
Projectnummer:
2922
Operationele status:
Lopend